Karin Somers
Zij werd aanvankelijk geschoold in grafi sche vormgeving aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Antwerpen, waar zij lijn, vorm en kleur leerde bemeesteren. Bij haar vestiging in Portugal besloot zij te gaan werken als vrije kunstenares. Zij maakte vooreerst indringende etsen en subtiele schilderijen van meestal klein formaat. In het land van de ‘azulejos’ kwam zij onder de bekoring van de traditierijke kunst van de keramiek. Zij werd erin aangetrokken door het primaat van de materie, de transformatie door het vuur en de mogelijkheid om driedimensionaal vorm te geven aan een wereld van symboliek en verbeelding. Haar wereld wordt bevolkt door een soort van engelen en gemetamorforiseerde creaturen uit een vooralsnog minzaam bestiarium.
(...)
In haar sculpturale keramiek gaat het vooral om het lichaam, als gevangenis en/of als bescherming, een stil, naar binnen gericht lichaam, ergens tussen zelfcontemplatie en verloochening. Die lichamen hebben soms vleugels, paradoxaal genoeg schijnbaar functieloos, maar die verwijzen naar de existentiële kwesties uit de mythen van Prometheus of zelfs Sisyphus. Veelal zijn het hybride of aseksuele fi guren, concepten van een eveneens gekluisterde wereld, maar getemperd door nostalgie.
Deze sculpturale keramiek is hier bij uitstek een metafoor voor de scheppende daad, parallel aan de scheppingsmythen, proteïsch.
Naar de tekst uit de cataloog van de tentoonstelling in het "Museu Municipal Amadeo Souza-Cardoso", Amarante, 2004, van prof. António Cardoso